Van crisis naar een nieuwe wending

PZC-verslaggeefster Lilian Dominicus aan de boulevard van Vlissingen, waar de schepen van de Holland Amerika Lijn langs voeren. In New York is nog altijd een stadsdeel dat naar Vlissingen is vernoemd: Flushing. foto Mechteld Jansen

PZC-verslaggeefster Lilian Dominicus aan de boulevard van Vlissingen, waar de schepen van de Holland Amerika Lijn langs voeren. In New York is nog altijd een stadsdeel dat naar Vlissingen is vernoemd: Flushing. foto Mechteld Jansen

Daar zullen je collega’s wel om hebben gevochten, hoor ik de laatste weken vaak zeggen als ik vertel over mijn aankomende reis naar de Verenigde Staten. De meesten denken dat de PZC heeft besloten dat er een verslaggever naar de Verenigde Staten moet gaan om daar Zeeuwse verhalen te schrijven in het kader van de festiviteiten rond NY400. En dat ik uit de vele gegadigden ben uitverkoren. “Nou”, zeg ik dan. “Zo is het niet helemaal gegaan.”

Eigenlijk begon het allemaal met een persoonlijke crisis. Een midlife-crisis op je 36ste? Ja hoor, het bestaat. Ik ben er gewoon een beetje vroeg bij. Twee jaar geleden gescheiden, geen kinderen en tien jaar bij de krant. Is dit alles?, vroeg ik me af. En dat leidde tot allerlei andere ingewikkelde vragen als: wie ben ik, wat wil ik verder met mijn leven en waarom ben ik hier eigenlijk? Ik stortte me op cursussen persoonlijke ontwikkeling, enneagram en aanverwante onderwerpen.
Ergens april vorig jaar stormde ik het kantoor van mijn hoofdredacteur binnen, en stak van wal met de volgende mededeling: “Ik heb eens nagedacht over mijn toekomst en denk dat ik over een tijdje naar de Verenigde Staten wil. Ik heb met niemand afspraken en kan gaan en staan waar ik wil. Kun je me daarbij helpen?”, vroeg ik. Want dat had ik geleerd op die trainingen: wil je een droom verwezenlijken, dan zul je hulp van mensen moeten vragen, én accepteren.

De wens om naar de Verenigde Staten te gaan is niet helemaal uit lucht komen vallen. In 1997 bracht ik al eens een lange, hete zomer in New York door, voor een stage bij de Verenigde Naties. Ik ging er niet eens met hooggespannen verwachtingen naar toe, want eigenlijk had ik allang andere plannen voor die zomer gemaakt. Ik had mijn zinnen gezet op een paar weken rust op een stille plek in de natuur. Weg van het drukke Amsterdam, waar ik toentertijd woonde en Europese Studies studeerde. Ik snakte naar een beetje groen na een collegejaar ineengepakt te hebben gezeten tussen asfalt en bakstenen.

En toen kwam ergens in april de brief van het hoofdkwartier van de Verenigde Naties in New York. Met de felicitaties namens de toenmalige secretaris-generaal Kofi Annan: ik was een van de gelukkigen die deze zomer zou worden toegelaten als stagiair, een kans van één op vier, als ik het me wel herinner. Ik had inderdaad in het najaar een sollicitatieformulier ingevuld, maar omdat ik er nooit meer wat van gehoord, had ik zelf geconcludeerd dat het niets meer zou worden. Ik was zelfs al bezig met een andere stage!

Uiteindelijk zeg je toch geen ‘nee’ tegen de VN. En dus rondde ik de ene stage in versneld tempo af en begon ik met het reserveren van een vliegticket, het regelen van huisvesting in New York, oppas voor de kat en tijdelijke huurders voor m’n eenkamerwoning in een zijstraat van de oude Czaar Peterbuurt. Het was in een tijd dat internet nog lang geen algemeen goed was, dus alles ging tergend langzaam per telefoon en briefjes op prikborden op de universiteit.

Eind mei was het zover. De eerste drie weken kon ik terecht in het appartement van een verre tante, die in Queens woonde. En daarna moest ik maar zien. Een andere Nederlandse VN-stagiaire trok de eerste avond bij me in en de volgende dag togen we naar Manhattan. Na een slingerende rit van bijna een uur met lijn Q staken we als mollen ons hoofd boven de grond ter hoogte van Broadway en Lafayette Street. Een overweldigende herrie van claxonnerende taxi’s en bijna rennende mensen was ons deel.
Wat we die dag precies hebben gedaan, weet ik echt niet meer. Maar we keken met grote ogen rond en toen we ’s avonds op de brandtrap aan de buitenkant van het appartement met een bord op schoot zaten te eten, gierde de adrenaline nog door ons heen. We waren verkocht aan de vibes van New York én de rest van Amerika.

Dat gevoel is gebleven en toen ik in september terugging naar Nederland, was dat met pijn in mijn hart. Ik wilde zo snel mogelijk terug, maar uiteindelijk is het er niet van gekomen, want ik koos voor een carrière hier, in mijn geboortestreek. Een keuze waar ik overigens geen spijt van heb: ik kreeg een baan aangeboden als journalist bij de PZC én een post-academische opleiding journalistiek. Voor iemand die net van de universiteit komt een gouden kans.
Maar na tien jaar kriebelde het en stond ik in het kantoor van de hoofdredacteur, met mijn niet-alledaagse verzoek. Natuurlijk was hij totaal overrompeld door mijn onthulling. “Nou”, was zijn antwoord, “ik wil je best aanbevelen bij persbureaus als GPD of ANP, maar de kans dat het je lukt als correspondent te worden aangenomen is klein. Als er al een vacature is, moet je echt iets kunnen laten zien dat anderen niet hebben.” Toen kwam hij met een voorstel: “Waarom ga je niet eerst voor de PZC een paar weken naar Amerika? Kijk eens of het je de komende tijd lukt met twaalf à twintig Zeeuwse verhalen te komen die wij kunnen publiceren. Dan bouw je een portfolio op en je hebt de kans eens rond te kijken.” Zo kwam het dat ik op zoek ging naar onderwerpen, waarbij ik er zelfs pas in een later stadium achter kwam dat 2009 het jaar is van de NY400 vieringen.

Zoals iemand laatst al opmerkte: “Dus je dacht: kom, laat ik zelf eens een slinger aan mijn leven geven!” Ja, zó ongeveer!

Advertenties

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Uit de PZC

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s